Het recht op vaccinatieverlof is een feit

 05/02/21

Nieuws

 Omgevingsfactoren en fysische agentia

Werknemers die zich laten vaccineren kunnen vaccinatieverlof opnemen.

Werkgevers en vakbonden hebben in de Nationale Arbeidsraad op 5 februari een akkoord bereikt. Werknemers, die worden opgeroepen om zich te vaccineren tijdens de werkuren, krijgen het recht om afwezig te zijn op het werk.

Werknemers krijgen "de nodige tijd" hiervoor. Hoeveel tijd dit precies is, is afhankelijk van de verplaatsingstijd van en naar het vaccinatiecentrum, alsook vaccinatietijd. Normaliter neemt dit slechts een gedeelte van de werkdag in beslag. Het normale loon wordt doorbetaald.

De werkgever kan die afwezigheid niet weigeren, maar de werknemer moet wel een aantal voorwaarden vervullen. De werknemer moet het recht op de betaalde afwezigheid staven met de bevestiging van de afspraak door het vaccinatiecentrum. Bovendien moet de werknemer zijn werkgever onmiddellijk verwittigen van zijn afwezigheid, zodra hij het tijdslot ontvangt waarop hij zich kan laten vaccineren. De werkgever mag geen attest van effectieve vaccinatie vragen, aangezien dit een medisch gegeven is en de privacy van de werknemers dient te worden gerespecteerd.

Ook ambtenaren krijgen recht op een klein verlet. Terwijl werknemers uit de privésector het verlof krijgen "voor de tijd die nodig is voor de vaccinatie" gaat het bij ambtenaren om "maximaal 3u48" (halve werkdag). Dit is het voorstel van Minister De Sutter. Als een tweede prik nodig is, kan dus ook een tweede klein verlet aangevraagd worden.

Deze wettelijke regeling zal wellicht eind deze maand in werking treden. Het vaccinatieverlof geldt tot eind dit jaar en kan worden verlengd tot 1 juli 2022.

INNI Redactie

Het recht op vaccinatieverlof is een feit

Uw browser wordt niet ondersteund. Update uw browser voor meer veiligheid, snelheid en om deze site optimaal te kunnen gebruiken.